De Hagenees: kinderspelletjes

Gepubliceerd op: 19 juni 2020 13:23
Gewijzigd op: 19 juni 2020 13:32

Nieuwsbericht door: Mandy Meeuwsen

Ken je de spelletjes nog die toen in de volksbuurten werden gedaan? Wat te denken van pintollen, haktollen of knikkeren met ketsers en bolders en niet te vergeten het touwke springen met het lange en korte springtouw en als het hartstikke snel moest heette dat “sjo” . Plaats van handeling waren meestal de gengskes behalve voor het touwspringen werd gewoon de straat afgezet en wee degene die daar commentaar op had. Die had in no time unne bussel jong in zijn nek hangen.

Pintollen en haktollen.

Dit vergt enige uitleg. Algemeen kan men stellen dat pintollen voor de jongere waren en het haktollen voor de ouderen. Het was een “sport” voor de jongens, maar aangezien toen het woord “transgender” misschien wel bestond maar gezien de intelligentiequote van de gemiddelde Hagenees daar geen betekenis aan kon worden gegeven deden er ook wel eens manswijven mee. De pintol was een soort paddenstoel met onderaan een ijzeren punt en voor de artistieke vormgeving boven op de schotel punaises of kleuren. Het gereedschap bestond verder uit een gestroomlijnd stokje wat goed in de hand moest liggen met daaraan een touw wat nog was om de paddenstoel aan de gang te krijgen. Plaats van handeling was het pleintje midden in de derde haag bij de Spar van Beerens. Iemand was erachter gekomen dat je het zweepje lekker kon laten knallen als je aan het einde een knoop in het touwke maakte. Aangezien hierop geen patent zat werd die uitvinding onmiddellijk opgevolgd en soms te enthousiast door een te grote knoop. Zo gebeurde het dat een van de fanatieke pintollers zijn eerste grote knal wilde maken. Echter de pintol bleef aan het einde van het touwke haken en met een sierlijke beweging vloog het hele geneuk door de raam van de spar en had het Haagje de pers weer gehaald.

Anders was het met haktollen. Dit was voor de wat ouderen onder ons en je moest wel een brevet van ervaren pintoller op zak hebben om toegelaten te worden tot dit meer exclusieve gezelschap. Ook hier is een tol en touw het gereedschap waarbij de tol nu meer lijkt op een peer ( vorm van Doyenne ) en waarbij het touw die lengte moest hebben zodat die precies om de tol kon worden gedraaid. Vervolgens werd er een cirkel op de grond getekend en moest je de tol met een handigheidje gooien en hopen dat jouw tol niet in de cirkel bleef liggen want dan was je de Sjaak en moest je wachten totdat iemand jouw tol uit de cirkel gooide. Het hierboven gemeld brevet was belangrijk maar ook toen werd er al gelogen dat het barst. Je zag dat ook meteen want bij de eerste worp waren erbij die kans zagen die tol met touw en al over een schutting te krijgen of tegen iemand zunne kop. Straf was tol in de cirkel en wachten. Daar kreeg je klotsende oksels van want er waren haktollers bij die het vak beheersten en in staat waren een haktol door midden te gooien. Nou moet er bij verteld worden dat die unne punt aan die tol hadden gemaakt waarvoor je nu 5 jaar Veenhuizen voor zou krijgen. Het maakte niet uit want of het nou pintollen, haktollen, knikkeren of iets anders was het eindigde bijna altijd in ruzie waarna iedereen weer kon overgaan naar de orde van de dag als er die al was.

Het Hageneesje.


Dit nieuwsbericht is 229 keer bekeken

X
X