Koken met Michelle

Gepubliceerd op: 24 april 2020 13:19

Nieuwsbericht door: Weekkrant de Loop Helmond

Mijn werk bestaat uit het organiseren van kookworkshops, waarvan de meeste over het maken van verse pasta gaan. Hoewel de ingrediënten (bloem en ei) hartstikke simpel zijn, is een succesvolle uitvoering van een verse pasta niet vanzelfsprekend. Daarom geef ik je in dit recept genoeg tips en pijlers zodat jij ook zelf een heerlijke, verse pasta op tafel kunt toveren! Met het deeg uit dit recept kun je niet alleen deze lekkere ravioli met ricotta en spinazie op tafel toveren, je kunt het voor allerlei verschillende pastavormen gebruiken. Aan het einde van dit recept geef ik je drie tips om deze ravioli op te dienen. 

Ingrediënten voor 3 à 4 personen

200 gram type 00 bloem, te vinden in grotere supermarkten en winkels met Italiaanse specialiteiten2 middelgrote, verse eieren2 theelepels olijfolieEen flinke snuf zout200 gram verse babyspinazie200 gram ricotta 2 eetlepels geraspte parmezaanse kaasZout en peper

Begin met het leegmaken van een ruim werkoppervlak. Maak hierop een berg van het bloem, en roer met je vinger in het midden van die berg zodat er een grote, wijde kuil ontstaat. Breek dan twee eieren in de kuil en voeg de olijfolie en het zout toe. Begin met een vork de eieren los te kloppen en duw beetje bij beetje bloem van de zijkanten in het ei om dit mee te mengen. Na een tijdje zul je een dikke massa in het midden van je kuil hebben gecreëerd. Op dat moment kun je alle bloem en ei door elkaar prakken (het dikke mengsel kan nu namelijk niet meer weglopen) totdat je een droge, klonterige massa hebt. Pluk de restjes deeg van je vork en begin nu met je handen te kneden. In het begin breng je vooral het deeg samen tot een bal door het stevig samen te knijpen en plat te duwen. De droge stukjes deeg veeg je met de deegbal op tijdens het kneden om zo één geheel te vormen. Zodra je een samenhangende bal deeg hebt, controleer je of het niet te plakkerig is: knijp het deeg heel hard tussen je duim en wijsvinger. Als het aan je vingers blijft plakken, moet je nog een beetje bloem toevoegen. Nu begint het echte kneedwerk: duw de bal met veel kracht plat naar voren uit, vouw hem dan dubbel, draai hem om en blijf dit gedurende tien minuten herhalen. Doe dit het liefst staand, zodat je je gewicht er goed in kan gooien. Na het kneden moet je een perfect egaal en elastisch deeg hebben. Wikkel het deeg in plasticfolie en laat het minstens een uur in de koelkast rusten. 

Bereid ondertussen de vulling. Was de spinazie en hak deze zeer fijn met een groot keukenmes. Meng het in een kom met de ricotta, Parmezaanse kaas en breng het op smaak met goed wat zout en peper. Zet het mengsel dan in de koelkast. 

Haal het geruste deeg uit de koelkast en snijd het in drie stukken. Maak van het eerste stuk een bal en wikkel de andere twee weer in het stuk folie. Bestuif je werkoppervlak en de bal deeg met bloem en rol het met een deegrol uit. Rol in de lengte tot je een dunne ovaal hebt. Vouw nu vanaf de onderkant een derde van het deeg naar binnen en vouw daar vanaf de bovenkant een andere derde overheen. Je hebt nu een envelopvorm. Keer deze om en rol deze nu in de lengte uit tot een zeer dunne, lange rechthoek. Zorg dat je de druk gelijkmatig verdeelt zodat het deeg geen ongelijke stukken krijgt. Het deeg moet flinterdun zijn (ongeveer één millimeter), dit vergt een beetje geduld maar blijf rustig rollen en probeer het deeg niet te veel tegelijkertijd uit te rekken. Als het deeg ook maar het geringste aan het oppervlak of de deegrol blijft plakken, bestrooi het dan met meer bloem. Herhaal dit proces met de andere twee stukken deeg. Als je een pastamachine hebt, kun je deze in plaats van een deegrol gebruiken. Volg dezelfde stappen, en rol het deeg eerst een paar keer op de wijdste stand door de machine. Ga dan telkens een stapje smaller en rol het deeg bij elke stap een aantal keer door de machine, totdat je de op een na kleinste stand hebt bereikt. 

Haal nu de vulling uit de koelkast en schep deze in een spuitzak. Heb je geen spuitzak, gebruik dan een theelepeltje om je ravioli te vullen. Spuit kleine bergjes vulling op één helft van het deeg (in de lengte). Tussen elk hoopje vulling laat je de dikte van een vinger afstand, houd dit ook aan als afstand van de rand en van het midden. De hoeveelheid vulling die je moet gebruiken hangt af van hoe breed je deeg is. Meestal is het een goed gevulde theelepel per raviolo. Zet nu een kommetje water op tafel en dip je vinger in het water. Maak dan met je natte vinger een cirkel op elk hoopje vulling (let op: je wilt het deeg net bevochtigen, niet in water drenken). Vouw dan de lege helft van het deeg over de vulling, en druk voorzichtig met je vingertoppen het deeg aan rondom de vulling zodat je kleine kussentjes vormt. Het water is de lijm die de twee lagen deeg bindt. Snijd of druk nu de raviolivormpjes uit, dit kan met een scherp keukenmes, een kartelwiel voor deeg, of een raviolistamper. Leg ze op een met bloem bestoven snijplank of dienblad. 

Breng een grote pan water aan de kook en voeg hier zeer ruim zout aan toe. Omdat verse pasta maar heel kort kookt, heeft het bijna geen tijd om het zout uit het water op te nemen dus voeg je meer toe dan wat je voor gedroogde pasta zou toevoegen. Kook de ravioli tot ze komen bovendrijven. Snijd eventueel een stukje van de rand om te controleren of het deeg gaar is. 

www.tasteguidenaples.com


Dit nieuwsbericht is 34 keer bekeken

Verder in het nieuws

Hieronder een recent overzicht van alle belangrijke en relevante nieuwsberichten.

X
X